Wie Paul de Leeuw al wat langer volgt, weet dat hij nooit bang is geweest om te schuren. Jarenlang hoorde dat zelfs bij zijn handelsmerk: ongefilterd, brutaal, soms ontroerend en dan weer keihard grappig.
Tegelijkertijd kijkt hij tegenwoordig met een heel ander soort blik naar die oude tv-jaren. Niet omdat hij alles ineens afzweert, maar omdat de wereld waarin die grappen ooit landden, simpelweg niet meer dezelfde is.
Een digitale schatkamer, maar niet zonder voorwaarden
De aanleiding is de nieuwe online “Schatkamer” van Beeld & Geluid, een platform waarop je honderdduizenden programma’s uit het tv-verleden kunt terugkijken. Voor veel makers is dat een feest: alles blijft bewaard en opnieuw vindbaar.
Bij Paul ligt dat anders. Zijn oeuvre staat er voorlopig niet tussen, en dat is een bewuste keuze. Hij wil bij bepaalde fragmenten uitleg en context, zodat kijkers snappen in welke tijd en sfeer die sketches ooit gemaakt werden.
Waarom context voor hem nu zo belangrijk is
De Leeuw zegt dat hij geen behoefte heeft om zich eindeloos te moeten verantwoorden voor werk van dertig tot vijfendertig jaar geleden. Niet omdat hij wegloopt, maar omdat een losse clip online vaak zonder achtergrond keihard wordt afgekraakt.
En dat is precies waar het wringt: televisie uit de jaren negentig werd gemaakt voor het moment, niet voor een tijdlijn waarop elk oud fragment als ‘nieuw’ rondgaat. Een sketch is dan ineens geen sketch meer, maar een discussie.
Tekst gaat verder onder de video
Bob de Rooij ligt gevoeliger dan vroeger
Met name zijn alter ego Bob de Rooij zorgt nu voor twijfels. Dat typetje was destijds een vehikel voor absurditeit en overdrijving, maar sommige grappen vallen anno nu sneller verkeerd, zeker wanneer ze raken aan afkomst of stereotype beelden.
Een oud fragment waarin Bob grappen maakt over een Surinaams gezin dook recent weer op rondes op sociale media. Paul geeft toe: hij kan er nog steeds om lachen, maar begrijpt óók dat kijkers het nu anders beleven.
“Die tijd was anders” is geen vrijbrief, maar wel een uitleg
Volgens Paul draait het niet om het wegpoetsen van wat er is gemaakt, maar om eerlijk erkennen dat het begin jaren negentig een andere werkelijkheid was. Toen leidde zo’n fragment nauwelijks tot opschudding; dat zegt ook iets over toen.
Hij is er daarom duidelijk over: hij zou dezelfde sketch tegenwoordig niet meer op die manier maken. Niet omdat hij plots een ander mens is, maar omdat de normen, gevoeligheden en het publieke debat verschoven zijn.
Van boze brieven naar online dreiging
Wat bovendien meeweegt, is de toon van kritiek. Waar je vroeger misschien een boze brief kreeg, ziet Paul nu hoe discussies online snel escaleren. Een grap die verkeerd valt, kan in minuten een complete heksenketel worden.
Hij noemt zelfs dat je tegenwoordig voor elke potentiële misstap meteen te maken kunt krijgen met doodsbedreigingen via social media. En dat maakt de drempel om oude beelden zonder uitleg vrij te geven een stuk hoger.

Toch verdwijnt Bob niet: een comeback in Ahoy
Opvallend genoeg verdwijnt Bob de Rooij niet definitief in de kast. Tijdens de grote Ahoy-concerten volgend jaar kruipt Paul opnieuw in de huid van het typetje, in een speciale versie van The Passion.
Alleen: ook die Bob is meegegroeid met de tijd. Paul benadrukt dat het personage ouder is geworden en begrijpt dat zinnen die dertig jaar geleden nog konden, nu niet meer zo gezegd worden—zeker niet op dezelfde toon.
Tussen nostalgie en verantwoordelijkheid
Het gesprek raakt aan een bredere vraag waar meer tv-makers mee worstelen: wat doe je met archiefbeelden die ooit normaal waren, maar nu anders worden gelezen? Wegstoppen voelt laf, blind online gooien voelt naïef.
Paul lijkt te kiezen voor een tussenweg: niet wissen, wel kaderen. Zodat mensen kunnen terugkijken, maar ook kunnen begrijpen waarom tv toen anders was, en waarom een maker vandaag soms andere keuzes maakt.
Hoe kijk jij naar oude tv-fragmenten?
De discussie over oude sketches zal niet snel verdwijnen, zeker niet nu platforms als de Schatkamer het verleden letterlijk opnieuw afspelen. De vraag is vooral: geven we elkaar ruimte voor nuance, of alleen voor verontwaardiging?








